fbpx

Verhaal 19

Dit verhaal is ook hier te luisteren op mijn podcast kanaal!

Poekie is ziek

Kat Poekie is ziek. Hoe zou dat nou komen?

De voordeur gaat open. ‘Waar was je al die tijd?’ vraagt Pien aan tante Aagje.

‘Ik was boodschappen aan het halen. Het kattenvoer voor Poekie was op,’ antwoordt haar tante. ‘Hier. Doe maar wat nieuwe kattenbrokjes in zijn voerbak.’ Aagje geeft het blikje aan haar nichtje.

Pien loopt langs de bank en de televisie en opent het blikje. Rinkeldekinkel, hoor je als Pien de brokjes in de voerbak doet. ‘Poekie. Het is etenstijd!’ roept Pien.

‘O nee… NIET AAN MIJN PLANTEN KOMEN POEKIE. Je weet dat dat niet mag!’ gilt tante Aagje. Ze probeert Poekie bij haar staart te pakken. Ze strekt haar armen, maar ligt languit in de kamer.

‘Gaat het?’ vraagt Pien.

‘Ik vind Poekie heel lief, als hij maar niet aan mijn planten komt,’ zegt Aagje met een verbeten gezicht. Langzaam krabbelt tante overeind. ‘NEE POEKIE… OOK NIET IN MIJN WITTE GORDIJNEN!’ Stampvoetend loopt tante Aagje naar het raam en pakt Poekie met twee handen uit het witte gordijn. Ze zet Poekie op de grond.

Pien aait de poes over zijn kopje en lacht om de streken van Poekie. ‘Dat is niet om te lachen, Pien.’ De wangen van tante kleuren langzaam rood. ‘Moet je nou eens kijken… Poekie heeft een heel gat gemaakt in mijn gordijnen!’

‘Dan gaan we toch naar het winkeltje?’

Maar tante hoort het niet. ‘NEE POEKIE! BLIJF VAN MIJN PLANTEN AF!’

Tante komt aangestormd, maar Pien is sneller bij Poekie en pakt haar uit de plant. Pien loopt naar het voerbakje en zet Poekie weer op de grond. ‘Nu heb je genoeg gespeeld. Stop maar met spelen, want anders wordt tante nog bozer en mag je niet meer blijven, Poek,’ zegt Pien tegen het huisdier. ‘Zie je wel dat Poekie lief is, tante?’ Tante knikt naar Pien en loopt naar de keuken.

‘Heb je het nu al op?’ van al dat spelen heb je natuurlijk honger en dorst,’ praat Pien tegen haar kat. Met een voerbakje loopt Pien naar de keuken en pakt een pak melk uit de koelkast.

Met een vol schaaltje loopt Pien terug naar Poekie. ‘Miauw,’ zegt de poes.

‘Ja. Ik zet het schaaltje al neer, Poek.’

Met haar tong likt Poekie van de koemelk. Tante Aagje gaat op de bank zitten. ‘Ik heb een idee!’ roept ze naar Pien. ‘We gaan naar de dierenwinkel en dan kopen we een krabpaal, zodat Poekie niet meer in de planten en gordijnen hoeft te klimmen. Wat vind je daarvan?’

‘Mag ik dan de speeltjes uitzoeken voor Poekie?’ vraagt Pien op haar liefste toon.

Pien en Aagje kopen een stoere zwarte krabpaal, speelmuis en stoppen alles in een doos. ‘Nu kan ik ook verstoppertje spelen met Poekie en hoef ik dat niet meer met jou te spelen,’ zegt Pien in de auto.

‘Dat zou ik heel fijn vinden, want dan klimt Poekie niet meer in mijn planten.’ Tante Aagje opent de voordeur en stapt de kamer binnen. ‘Wat ruikt het hier vies.’ Tante Aagje en Pien knijpen de neus dicht.

‘Ik denk dat Poekie een scheetje heeft gelaten,’ zegt Pien. Tante loopt de kamer binnen. ‘Het is geen scheetje tante… er zit kak aan je schoen!’

Tante kijkt omlaag en tilt haar schoen op. ‘Poekie! Jakkes!’ De hele kamer ligt bezaaid met kleine brokjes poep.

‘Nu springt Poekie niet meer in de planten,’ zegt Pien terwijl ze lacht.

Tante zet alle ramen open en loopt naar Poekie toe. ‘Ach gossie… Het beestje is echt ziek. We zullen naar de dierenarts moeten.’ Poekie ligt heel stil en maakt amper geluid. Normaal zijn ze een uur bezig om hem in zijn kattenbench te krijgen, maar nu gaat dat zonder problemen.

In de wachtkamer zit een grote herdershond en een jongetje met een konijn op schoot. Tante en Pien gaan naast elkaar zitten. Pien heeft Poekie op haar schoot. ‘Gaat Poekie dood?’ vraagt Pien aan haar tante.

Tante Aagje slaat haar rechterarm om Pien. ‘Dat weet ik niet, lieverd. De dierenarts kan ons vast helpen.’ Het duurt zeker een half uur, maar dan is Poekie eindelijk aan de beurt.

De dierenarts draagt een witte jas en heeft een grote zwarte bril op. Hij opent de kattenbench. ‘Hij is wel stil,’ zegt de dierenarts, terwijl hij over zijn bril heen kijkt. ‘Kun jij vertellen wat er gebeurd is?’

‘Poekie heeft gespeeld in de gordijnen en in de planten. Mijn tante vindt dat niet zo leuk en toen heb ik hem brokjes en melk gegeven… Pien stottert en de tranen stromen over haar wangen. ‘Poekie mag niet dood gaan,’ snikt Pien.

De dierenarts voelt in het buikje van de kat. ‘Ik weet al wat er aan de hand is,’ zegt de dierenarts. ‘Poekie kan niet tegen melk. ‘In melk zit een stofje waar je kat niet zo goed tegen kan.’

‘O, lag daarom heel de kamer vol met kleine drolletjes?’ vraagt Pien en ze veegt de tranen van haar gezicht.

‘Ja. Ik geef een receptje mee en dan is Poekie binnen een paar dagen de oude.’ De dierenarts stopt Poekie weer terug in zijn bench en geeft tante druppels mee. Thuis legt tante meteen de druppels op de tong van het beestje.

De volgende morgen rent Pien direct naar de kamer om te kijken of Poekie beter is. ‘Niet in de planten van tante Aagje, Poek.’ Pien pakt Poekie bij zijn middel en kroelt ermee.

Tante komt de kamer in haar pyjama binnen. ‘Poekie is weer helemaal beter hoor, tante. Hij had alweer een blaadje van je plant gekrabd.’

Pien is bang dat tante heel boos wordt, maar dan verschijnt er een lach op haar gezicht. ‘Dan is Poekie in ieder geval weer springlevend,’ zegt tante en aait het kleine beestje over zijn staart.

Liefs,
Saskia

 

Wat vind je van mijn verhaal?

Ieder verhaal is geschreven vanuit mijn hart. Het is dan ook moeilijk om het de wijde wereld in te slingeren, want dan is het verhaal niet meer van mij alleen.

Als schrijfster denk je soms dat je een geweldig verhaal geschreven hebt. Als lezer kun je hier heel anders over denken. Ik vind contact met mijn lezers belangrijk. Als schrijfster word ik beter door heel veel te oefenen, maar ook door de reacties van jullie.

Ik beantwoord graag jouw vragen en/of reacties. Laat mij vooral weten wat je van mijn verhalen vindt.

Shopping cart
There are no products in the cart!
Continue shopping
0