fbpx

Verhaal 44

Dit verhaal is ook hier te luisteren op mijn podcast kanaal!

t vrhaal is ook hier te luisteren op mijn podcast kanaal!

De voetbalplaatjes machine

 

Voetbalplaatjes sparen is super leuk! Alleen lukt het vaak niet om het album vol te krijgen. Een paar jongens ontwikkelen een voetbalplaatjes machine. Zal het hen lukken om alle voetbalplaatjes te verzamelen?

De tienjarige Amir staat bij de ingang van de supermarkt. Een vrouw met krullend grijs haar komt de winkel uitgelopen met een netje mandarijnen. ‘Heeft u misschien voetbalplaatjes?’

De mevrouw schudt haar hoofd. Vijf minuten voor sluitingstijd, komt een man met een rossige baard de winkel uitgelopen. De man geeft de plaatjes aan hem. Snel opent Amir het glimmende papier. Razendsnel bekijkt hij de vier voetballers die zijn afgebeeld.

 

‘Amir. Ik heb Glenn Braafheid!’ roept Omar naar zijn voetbalmaat. Omar is de buurjongen van Amir. De twee spelen in het eerste van SV Almelo onder de elf. Omar rent in volle vaart naar zijn vriend toe. ‘Ik heb alleen maar dubbele.’ Amir zucht. ‘De supermarkt doet het gewoon expres. Zo krijg ik mijn album nooit compleet.’

Omar kijkt op zijn papier. ‘Ik mis nummer negen van PSV.’

‘Dat is Roy Geluk. Ik heb zijn plaatje ook niet.’

 

Ze lopen terug naar huis. Een paar minuten later bladeren ze allebei door hun album. De hele kamer van Amir ademt voetbal. Hij is sinds zijn zevende fan van PSV. Hij slaapt zelfs met een bal onder zijn kussen, want hij wil net zo goed worden als de Surinaamse spits; Roy Geluk.

 

Amir bladert door zijn verzameling. ‘Die supermarkten verdienen vet veel knaken met deze actie.’

‘Ja. Ik krijg ook steeds ruzie met mijn moeder, omdat de boodschappen zo duur zijn in de winkel.’

‘Ik zou willen dat ik een voetbalplaatjes machine kon maken. Dan word ik vet rijk,’ zegt Amir.

‘Waarom zouden we dat niet kunnen?’ Omar pakt zijn telefoon erbij. ‘Alle foto’s staan op internet.’

 

‘Ja!’ Amir slaat Omar op zijn rug.

De twee gaan direct aan de slag. Ze zoeken alle voetballers, trainers en voetballogo’s op.

‘Ik kijk even hoe groot de afbeelding precies is, want je mag niet zien dat het nepplaatjes zijn,’ glundert Amir. Hij legt zijn liniaal op het plaatje en schrijft de cijfers op.

‘Dan moeten we nu naar de winkel om stickervellen te kopen.’

Amir pakt zijn spaarpot. Hij rammelt het varken in de lucht. ‘Er zit niet zoveel geld meer in. Ik heb laatst extra snoep gekocht om voetbalplaatjes te krijgen.’ De munten kletteren op de grond.

‘Briefje van tien. Dat is negentien… Vijfentwintig… Zesentwintig euro en tien cent,’ telt Omar de buit. Hij kan beter rekenen dan Amir.

 

Amir kijkt op zijn PSV-horloge. ‘De winkels zijn nu dicht, want het is al zes uur geweest.’

‘Taeam!’ roept Amir zijn moeder naar boven. ‘Ik moet nu gaan eten.’

Omar glijdt als eerste van de trapleuning af. Amir volgt. ‘Ik spreek je morgen.’ Amir geeft zijn vriend een boks.

 

De volgende dag gaan de twee op pad. Het was niet moeilijk om de stickervellen te kopen. Ze hebben een dikke stapel. Niet veel later maakt de printer een knarsend geluid als Amir het apparaat aanzet.Er beginnen allemaal lichten te knipperen.

Omar legt het stickervel in de printer. Niet veel later komt het eerste vel uit de machine. ‘Het papier moet andersom,’ zucht Amir.

Het duurt meerdere pogingen, maar uiteindelijk zijn ze trots op het resultaat. Ze geven elkaar een high five. Ze knippen de plaatjes heel netjes uit. ‘Je ziet er helemaal niets van,’ zegt Amir. Er ligt een dikke stapel op zijn bureau.

 

Na het weekend nemen de twee de vervalste plaatjes mee naar school. In de pauze tonen ze trots hun volle boek. ‘Wollah. Jij hebt gewoon alle plaatjes?’ Mohammed staat met open mond naar het album van Amir te kijken. ‘Heb jij Roy Geluk?’

Amir bladert door zijn flinke verzameling. ‘Ja, maar mijn album is al vol.’

‘Wat wil je ervoor?’

‘Een euro.’

Mohammed twijfelt. Omar ziet dat Mohammed niet weet wat hij moet doen.

‘Je wilt toch ook je doel bereiken? Wat is nou een euro?’

‘Je hebt gelijk.’ Hij pak zijn portemonnee en geeft de zilveren munt aan Amir.

 

Gedurende de dag komen er meer kinderen naar hen toe. Ook meisjes, want zij sparen het Nederlands Elftal voor vrouwen. Na de eerste dag hebben de jongens al vijftien euro in de pocket.

‘We moeten Roy Geluk meer afdrukken, want we hebben vandaag ook een paar keer nee moeten verkopen,’ zegt Omar.

 

De dagen daarna gaan de zaken hartstikke goed. Niemand maakt opmerkingen over de plaatjes. Ze zien er ook zo goed uit. Een eindje verderop, vindt de supermarktmanager Dirk Coop het vreemd. Hij kijkt naar zijn computerscherm. De winst is deze week hard teruggelopen. Hij heeft minder wasmiddel verkocht. Raar, want klanten konden extra voetbalplaatjes ontvangen.

Omar en Amir blijven maar printen. Ze hebben de hele winkel leeggekocht om aan voldoende stickervellen te komen. ‘Als we zo doorgaan, kunnen we het nieuwe tenue van PSV kopen. We hebben nog maar tien euro nodig. Lol,’ zegt Amir lachend.

‘Moeten we niet stoppen? Straks worden we nog gesnapt,’ zegt Omar.

‘Nee. Natuurlijk niet. We zijn er bijna. Niemand die onze plaatjes kan onderscheiden van de echte.’

 

Het is woensdagmiddag. Normaal staan er tientallen kinderen buiten om voetbalplaatjes te ruilen, maar nu is het stil. Dirk Coop besluit collega’s te bellen. Bij de andere winkels is het allemaal heel druk. Zij behalen heel veel winst met de voetbalactie, maar hij niet. Hij heeft een plan en neemt direct contact op met de makers van de voetbalplaatjes.

 

‘Laten we onszelf trakteren op een zak chips,’ grinnikt Omar.

De twee lopen met flinke tegenwind naar de supermarkt. In de winkel valt het oog van Amir direct op een poster. ‘Zaterdag achttien juni komt voetballer Roy Geluk de voetbalplaatjes signeren.’

‘Roy Geluk komt naar Almelo!’ Amir is zo blij. Hij springt een gat in de lucht.

Omar trekt aan de jas van zijn vriend. ‘Weet je wel wat dat betekent?’

‘Onze voetbalplaatjes.’ Amir kijkt verbaast naar zijn vriend. Het duurt even voordat het besef tot hem doordringt. ‘Ah joh. Dat heeft hij echt niet door. Niemand ziet het,’ lispelt Amir.

Amir trekt de zak paprikachips open, maar Omar krijgt geen hap door zijn keel. ‘Ik vind dat we het moeten zeggen. Straks krijgen we nog een strafblad.’

‘Weet je wel hoe hard we hebben gewerkt voor onze knaken! Als je het maar uit je hoofd haalt.’

Op school praat iedereen erover. Iedereen wil Roy Geluk zien. Hij scoorde deze week nog tegen Ajax. Een winnende omhaal, de bal vloog in de rechterkruising. Het ruilen is gestopt, want iedereen heeft zijn album vol. De buit hebben ze onderling verdeelt. Er is voor beiden ruim veertig euro van de inkoopkosten overgebleven. Het is te weinig om een voetbalshirt te kopen.

 

 

Het is zaterdagochtend en het is ontzettend druk bij de ingang van de supermarkt. Dirk Coop kijkt tevreden naar de vele kinderen die staan te wachten bij de blauwe ballonnenboog. Veel ouders combineren de activiteit met het doen van boodschappen. Zo ziet hij het graag, want dan neemt de omzet toe.

 

Eindelijk komt Roy Geluk de supermarkt binnen. Ze maken foto’s met hun telefoon van de PSV-spits. Met een stoere houding neemt hij plaats achter de tafel. Hij lacht zijn witte tanden bloot. ‘Relax. Jullie komen allemaal aan de beurt,’ spreekt de PSV-speler de kinderen toe. Naast hem hangt een groot tv-scherm waarop alle goals van hem worden afgespeeld.

 

‘Wat er ook gebeurt. Je gaat niets zeggen,’ sist Amir.

Omar wrijft over zijn klamme handen. Voor hem staat Mohammed. Misschien wordt hij wel aangesproken. Langs hem lopen kinderen met een blije snoet naar de uitgang. Ze zijn in hun nopjes met de handtekening. Sommigen krijgen niet alleen een handtekening, maar ook het ontbrekende voetbalplaatje van Roy Geluk. Er ligt hele grote stapel op tafel. ‘Ik had gedacht dat ik veel meer plaatjes mocht plakken,’ zegt Roy naar Dirk Coop.

‘Alle kinderen hebben alle plaatjes al.’

Mohammed is aan de beurt. ‘Jij hebt ook al een plaatje van mij.’

‘Iedereen bij ons op school heeft geruild met Amir en Omar.’ Mohammed wijst naar zijn twee vrienden. Even blijft het stil, maar dan geeft Roy Geluk het boek terug. Mohammed stapt uit de rij en dan zijn de twee vrienden aan de beurt. Omar durft niet te bewegen. Amir vindt het spannend, maar hij zet zijn pokerface op.

 

Roy Geluk kijkt naar zichzelf op het plaatje. Hij kijkt nogmaals. Vervolgens kijkt hij de jongens aan. Het duurt erg lang voordat hij wat zegt. Roy fluistert iets in het oor van de supermarktmanager.

‘Meen je dat?’ Het gezicht van Dirk kleurt rood.

‘Hebben jullie valsgespeeld?’ vraagt Roy.

Amir heeft gezegd dat Omar niets mag zeggen, maar dat lukt hem niet. Zachtjes knikt Omar.

Achterin de rij beginnen de kinderen onrustig te worden. ‘Opschieten!’ roept een meisje.

Omar focust zich op de wasmiddelreclame die door de winkel klinkt, maar de manager kijkt zo boos naar hem dat het niet lukt. ‘Meekomen jullie.’

Achter hen wordt het onrustig. Kinderen speculeren over de oorzaak dat de twee geen handtekening krijgen.

Met ferme passen lopen ze langs de groenten- en fruitafdeling. Naast de flessenautomaat gaan ze door de klapdeuren naar het kantoor van de manager.

Hij ploft op zijn bureaustoel neer en belt de politie. Omar en Amir zwijgen.

‘Weet je wel hoeveel omzet ik ben misgelopen door jullie vervalsing?’ Als hij spreekt komt het speeksel uit zijn mond op de bureautafel.

 

Het lijkt heel lang te duren, maar na een tijdje staan er twee politieagenten in uniform naast de manager. Ze dragen handboeien.

De vrouwelijke agent begint met praten. ‘Zo. Jullie zijn voetbalfan?’

Omar had een hele strenge agent verwacht, maar dat is deze vrouw niet. Haar stem klinkt aardig. Veel vriendelijker dan die van Dirk. Hij kijkt alleen maar boos naar hen.

‘Ja. We spaarden al een hele tijd voetbalplaatjes. We zijn fan van Roy Geluk.’

‘Zoveel geluk hebben jullie vandaag anders niet,’ zegt de tweede agent.

De twee vrienden kijken elkaar aan.

‘Ik snap heel goed dat jullie het album compleet wilde hebben. Zelf heb ik ook een zoon die spaart. Het vervalsen van plaatjes mag niet. Het is zelfs strafbaar,’ zegt de agent met de blonde paardenstaart.

‘Weten jullie ouders hiervan?’ vraagt agent nummer twee.

De twee schudden hun hoofd.

De agent legt uit dat ze hier melding van moeten maken bij bureau Halt. De jongens worden opgehaald door de ouders. Ze gaan naar huis zonder hun voetbalmap, want die nemen de agenten mee. Als de kinderen de dag daarna op school komen, weet iedereen wat er in de supermarkt is gebeurd. De jongens betalen al het geld aan iedereen terug. Dat moest van hun ouders.

 

Drie weken later worden ze opgeroepen door bureau Halt. Ze moeten een week lang de winkelmandjes schoonmaken in de supermarkt. In de barre kou staan de twee urenlang hetzelfde werk te doen. Ze voelen hun vingers niet meer. ‘Ik heb nu toch wel spijt,’ zegt Amir.

‘Ik ook.’

‘Later word ik profvoetballer, dan verdien ik nog veel meer knaken!’ reageert Amir.


Liefs,

Saskia

 

Wat vind je van mijn verhaal?

Ieder verhaal is geschreven vanuit mijn hart. Het is dan ook moeilijk om het de wijde wereld in te slingeren, want dan is het verhaal niet meer van mij alleen.

Als schrijfster denk je soms dat je een geweldig verhaal geschreven hebt. Als lezer kun je hier heel anders over denken. Ik vind contact met mijn lezers belangrijk. Als schrijfster word ik beter door heel veel te oefenen, maar ook door de reacties van jullie.

Ik beantwoord graag jouw vragen en/of reacties. Laat mij vooral weten wat je van mijn verhalen vindt.

Shopping cart
There are no products in the cart!
Continue shopping
0